Cannabis is een plant
Cannabis (Cannabis sativa) is hennep. Ook de psychoactieve producten van die plant worden samen cannabis genoemd.
De plant bestaat uit mannelijke en vrouwelijke exemplaren. De gedroogde vrouwelijke bloemen staan bekend als marihuana (wiet of weed). Het kan ook om gedroogde bladeren of stengels gaan.
Een tweede product is hasj (stuff). Dit zijn geperste blokken of plakken van de hars die de bladeren en bloemen afscheiden.
Uit de plant of de hars kan hasjolie worden gewonnen.
Hennep is al vele duizenden jaren een landbouwgewas. Men maakt van de vezels touw en textiel. Boeren maken van hennep windschermen rond hun grond.
Er bestaan vele cannabisachtige stoffen
Cannabis bevat meer dan vierhonderd chemische verbindingen. Ongeveer zestig cannabisachtige stoffen, de zogenoemde cannabinoïden, hebben een psychoactieve werking. De belangrijkste is^9-tetrahydrocannabinol,
afgekort tot THC.
Lichaamseigen stoffen
Cannabis werkt omdat de mens aangrijpingspunten (receptoren) voor cannabisachtige stoffen heeft. Die receptoren liggen niet te wachten tot er wordt geblowd. Zij zijn beschikbaar voor lichaamseigen stoffen, die eveneens tot de klasse van cannabinoïden worden gerekend.
De bekendste daarvan in de hersenen zijn op dit ogenblik anandamide en 2-arachidonylglycerol (2-AG).
Er zijn op zijn minst twee soorten cannabisreceptoren in het lichaam. De CB1-receptoren bevinden zich in de hersenen maar ook elders in het lichaam. De CB2-receptoren komen in cellen van het afweersysteem voor,
met name in de milt.
De functies van de lichaamseigen cannabisachtige stoffen staan nog niet vast. Vermoedelijk gaat het om een rol in mentale processen, motoriek, eten, pijnbeleving en afweer tegen infecties. In ieder geval zijn CB1-receptoren sterk vertegenwoordigd in hersengebieden die betrokken zijn bij motoriek (basale ganglia, kleine hersenen), leren en geheuge (hippocampus) en aandacht en informatieverwerking (hersenschors).