Uitreksel "Apollyon"
                                         

Boek 1: Artemis
Ewijk ontmoette Starnmeer op de boot naar Engeland. Hij kende hem al van het Gymnasium. Ewijk was schrijver en notaris geworden, terwijl de baron Starnmeer zijn hele leven niets had uitgevoerd. In Londen aangekomen zocht Ewijk zijn vaste hotel op.

Na een tijdje kwam er een bericht van Starnmeer. Hij vroeg Ewijk of hij misschien zijn intrek wou nemen in hetzelfde pension als waar Starnmeer logeerde. Ewijk weigerde beleefd. Het bleek dat Starnmeer in het hotel een meisje had ontmoet. Bella heette ze, een Amerikaanse. Hij was er duidelijk weg van.

Meneer Rastafiaël had een groep extreem lange meisjes bij elkaar gezocht voor optredens in New York. Hij noemde de groep de Rumakasta Guard. In New York was hij eerst succesvol geweest, maar het animo was langzaam iets afgenomen. Meneer Rustafiaël had besloten dat het beter was als de groep een jaar in Londen, in het Zephyrium-theater ging optreden. Daar waren de meisjes weer een groot succes.
Ewijk kwam Starnmeer in het pension opzoeken. Hij had een bijzonder slecht humeur, en Bella vond hij helemaal niets bijzonders. Maar toen hij even met haar had gepraat, was hij van mening veranderd.

Bella ging met een vriendin, Enid, en diens vriend, die ook getrouwd was, naar Sevenoaks. Starnmeer inviteerde zichzelf echter, en hij ging mee als tweede man. Op de terugweg kuste Starnmeer Bella.

Starnmeer en Bella planden terug in het hotel gekomen een reis naar Lynton. Niemand in het pension mocht ervan weten. Daar aangekomen maakten ze grote wandelingen en hadden een gezellige tijd.

Starnmeer durfde Bella niet goed ten huwelijk te vragen, hij liet de beslissing aan haar over. Ze vonden zich niet bij elkaar passen. Op de laatste avond staat Starnmeer voor haar en ze staan op het punt met elkaar naar bed te gaan, maar Starnmeer merkt dat Bella het eigenlijk niet wil, en maakt zich los.
Boek 2: Atalante
Bella was teruggekeerd naar het hotel in Londen. Starnmeer bleef nog een paar dagen in Lynton. In het hotel in Londen kwam Ewijk Starnmeer opzoeken. Deze was echter nog niet teruggekeerd. Ewijk wist een ongewenste werknemer van het pension ontslag te doen nemen, en iedereen was hem daar erg dankbaar voor. Starnmeer kwam terug in het hotel, en al gauw hadden de andere gasten door dat er zich iets tussen Starnmeer en Bella had afgespeeld.

Starnmeer vertelde Bella op een zekere dag van zijn plannen met Star Lating te trouwen. Ze bleef daar, zo dacht ze zelf, onverschillig onder. Maar toen ze oog in oog met de Rumakasta Guard kwam te staan, viel ze bijna flauw. Later herstelde ze zich weer. Een paar dagen later ging ze terug naar Amerika.

Ewijk ging ook terug naar Nederland. Daar aangekomen zette hij zich aan het schrijven. Het leek echter wel of hij zijn talent kwijt was. Zijn vrouw en kinderen vonden zijn werk helemaal niet mooi meer.

Ewijk ging naar de dokter om uit te vinden wat hem mankeerde. Zijn vrouw Lucie kreeg van de dokter te horen wat Ewijk mankeerde. Hij had een gezwel in zijn hersenen. Lucie vermoedde dat Starnmeer dat met zijn theorieën had veroorzaakt. Zij vertelde hem niets over het gezwel.

Ewijk maakte met steeds meer mensen ruzie. Hij verbrak de samenwerking met de andere notaris van het kantoor. Hij begon een buitenechtelijke affaire.
Toen nodigde Starnmeer hem en zijn vrouw uit. Zijn vrouw had niet veel behoefte mee te gaan. Starnmeer bleek gelukkig getrouwd te zijn met Star Lating. Starnmeer had nog een brief van Bella gekregen. Veel bijzonders stond er niet in.

Aan tafel had het gezelschap (Starnmeer had nog andere gasten) een disussie, die Star Lating boven de pet ging.

Ewijk dacht eraan hoe gelukkig hij eigenlijk was, gelukkiger dan Starnmeer, wanneer hij plots Starnmeer zag verteren in een ziekenzaal. Ewijk moest opkijken naar Starnmeer om zeker te weten dat hij nog leefde.
De titel wordt in het motto verduidelijkt:
En zij hadden over zich tot eenen koning den engel des afgronds; en in de Griekse taal had hij den naam Apollyon

Apollyon is de engel van de afgrond: Ewijk wordt door Starnmeer (de engel des afgronds) meegesleurd in de diepte.

2. Tijd
Het verhaal speelt rond het begin van de 20e eeuw. Bella voer nog met een boot van Amerika naar Europa en terug. Mensen gingen nog naar toneel en theater, zoals blijkt uit het succes van de Rumakasta Guard.

3. Ruimte
Voornamelijk in Engeland. Dit zorgt voor een veranderde omgeving, en voor bijzondere, niet alledaagse situaties.
De laatste hoofdstukken van het boek spelen in Rijswijk en Den Haag.

4. Personages
Ewijk - De hoofdpersoon, de man die uiteindelijk de enige is die écht door Starnmeer wordt vernield. Een tragische figuur, in het begin een succesvol schrijver en notaris, aan het eind een wrak.
Starnmeer - Een man die ervan houdt mensen te 'vernielen'. Hij vernielt Bella, door haar verliefd op hem te doen geraken, en vervolgens haar in de steek te laten. Maar onbedoeld vernielt hij ook Ewijk met zijn uitspraak dat kunst een verbrandingsproduct is.
Bella - Een sterke vrouw, een persoonlijkheid die wel beschadigd wordt door Starnmeer, maar absoluut niet wordt geknakt. Ze is uitzonderlijk mooi.
Terug naar home