Wie zich de pillen en poeders uit koffieshop of discotheek niet kan permitteren, trekt voor zijn trip het bos in. Sinds kort is de paddestoel namelijk herontdekt als hallucinerend middel. Herontdekt, want in de jaren vijftig werd de geestverruimende werking van de Psilocybe al uitgebreid bestudeerd en beproefd. Toen was ook bekend dat de paddestoel deel uitmaakte van een religieus ritueel. Totdat de vrees voor het zedenverval bij de jeugd de overhand kreeg en de 'plant
die god bevat' in het verdomhoekje verdween.
"Het eerste dat me te binnen schiet als ik aan die ervaring terugdenk, is dat de paddestoelen afschuwelijk smaakten. De beelden die ik zag, waren vooral veelkleurige geometrische patronen, buitengewoon levendig. Het leek alsof ze van achter uit mijn hoofd kwamen, ook al zag ik ze voor mijn open ogen," schrijft Masha Wasson Britten over de keer dat ze op
zeventienjarige leeftijd hallucinerende paddestoelen
gebruikte. "De visioenen duurden een uur of vijf, veel te kort. Daarna sliepen we even. Toen ik wakker werd, voelde ik mij uitgeruster en opgeknapter dan ooit tevoren."
Het tafereel speelt zich af in een gehucht in Mexico, juli 1955. Masha Wasson, nu lector van een verpleegstersopleiding van de Universiteit van New York, schrijft het bovenstaande in een boek uit 1990 dat allerlei wetenschappers aan haar vader, vier jaar na diens dood, hebben opgedragen. Ze schrijft niet over een jeugdzonde, maar over de dag dat Roger Gordon Wasson zijn dochter in Mexico liet delen in zijn blijdschap over een ontdekking die de wereld en de wetenschap grondig zou veranderen.
In de eeuwen daarvoor schreef vrijwel geen enkele
wetenschapper of onderzoeker over de rol van paddestoelen in de menselijke cultuur, in de jaren daarna schreven onderzoekers uit alle disciplines erover. Buiten de wereld van de wetenschap werd de paddestoel in de Verenigde Staten van Noord-Amerika inzet van een kat-en-muis-spel tussen politie en jongeren dat op hoog niveau gespeeld werd. Beide gevolgen van de ontdekking zijn nu, dertig, veertig jaar later overgewaaid naar Nederland. Cultuurfilosoof Ton Lemaire heeft de invloed van de ontdekking op de geesteswetenschappen op een rijtje gezet in zijn boek Godenspijs of duivelsbrood en in Rotterdam begon vorige week een proefproces over de vraag of gedroogde paddestoelen misschien niet en verse misschien wel verhandeld mogen worden.
Roger Gordon Wasson was vicepresident van de J.P. Morgan & Company-bank in New York en nog maar enkele jaren verwijderd van zijn pensioen. Zijn vrouw Valentina was kinderarts, beroemd vanwege een kinderboek over adoptie. Op hun huwelijksreis in 1927 merkten ze dat ze nogal verschillend over paddestoelen dachten en maakten er hun hobby van alles over paddestoelen in liedjes, sprookjes, mythen, legenden,
kunst, literatuur en geschiedenis te verzamelen. Al doende groeide het onschuldige tijdverdrijf uit tot een
wetenschappelijke zoektocht die in juli 1955 het resultaat opleverde waar de bankier alleen maar van had durven dromen.
Hij nam in Mexico deel aan een paddestoelenritueel, een
velada, onder leiding van een genezeres, de curandera Maria Sabina. Het echtpaar vermoedde dat vergelijkbare rituelen al duizenden jaren oud waren maar had lang gedacht dat ze niet meer werden uitgevoerd. Met groot vertrouwen in de overgeleverde kennis van de Mexicaanse Indianen gaf Wasson een
paar dagen nadat hij aan het ritueel had deelgenomen een paar van de toen nog onbekende paddestoelen aan zijn vrouw en dochter, Valentina en Masha Wasson.
Valentina Wasson maakte de gevolgen van de ontdekking niet meer mee omdat ze in 1958 aan een kanker overleed, een half jaar nadat het echtpaar zijn ontdekking in een luxueus boek en een artikel in Life had gepubliceerd. Masha heeft daarentegen van nabij meegemaakt hoe beroemd haar vader werd.
"Interessante geleerden als de dichters Robert Graves en Octavio Paz kwamen onverwacht op visite of wij bezochten hen.
Mijn vader maakte me deelgenoot van zowel zijn gevoelens van respect voor de geleerden op wie hij zo zwaar leunde als zijn misprijzen voor degenen die hij slordig en onnauwkeurig vond in hun onderzoek of conclusies."
Wasson wist van wanten. Hij slaagde erin om in een paar jaar tijd alles over de Mexicaanse paddestoel te (laten)
onderzoeken. Hij beschreef het gebruik ervan door de Indianen en de plaats van de paddestoel in de archeologie van Midden-Amerika. Het meest concrete resultaat daarvan was dat hij de betekenis van pre-colombiaanse Maya-beeldjes, die bekend stonden als 'paddestoelenstenen' maar gezien werden als
bijvoorbeeld fallussymbolen, herontdekte. Wasson stelde voor ze te zien als gebruiksvoorwerpen in godsdienstige paddestoelenrituelen. "het is merkwaardig dat niemand ooit heeft geopperd dat de 'paddestoelenstenen' paddestoelen konden voorstellen", schreef hij. De biologie van de onbekende paddestoelen liet Wasson over aan Roger Heim, toen directeur van het Museum National d'Histoire Naturelle in Parijs. Heim beschreef en benoemde ze. De belangrijkste soorten bleken tot het geslacht Psilocybe te behoren.
Belangrijker is dat Heim er in de jaren vijftig al in slaagde de paddestoelen te kweken. Dat maakt voor een chemicus het zoeken naar de werkzame stof een stuk makkelijker. De aangewezen man om het te doen was Albert Hofmann, ontdekker van LSD. Hofmann werkte bij het grote Zwitserse farmaceutische bedrijf Sandoz maar "niemand toonde veel ijver om dit probleem
(van de paddestoelen) aan te pakken omdat bekend was dat LSD en alles wat daarmee te maken had weinig populaire onderwerpen bij de bedrijfsleiding waren", merkte hij later op.
Hofmann deed het onderzoek op eigen houtje, inclusief proeven op zichzelf omdat honden en muizen niet op de stoffen uit de paddestoel leken te reageren. In november 1958 publiceerde hij de structuur van twee stoffen, psilocybine en psilocine, die nauw verwant bleken te zijn aan LSD, niet alleen wat hun effect op de psyche, maar ook wat betreft hun chemische structuur betreft. "Net als LSD blokkeren de twee stoffen uit
de paddestoelen de werking van serotonine, een stof in de hersenen", schreef Hofmann. "Het grootste verschil met LSD is de kwantitatieve werking, ze zijn meer dan 100 maal minder actief dan LSD. Bovendien duren de gevolgen van de stoffen in de paddestoelen maar vier tot zes uur, veel korter dan de gevolgen van LSD (acht tot twaalf uur)." Al in juli 1958 kon Sandoz psilocybinepillen en injectievloeistoffen leveren aan de onderzoekers van het Hopital Sainte-Anne in Parijs. Zij dienden de stof toe aan normale proefpersonen en aan geesteszieken en beschreven nauwkeurig de somatische en psychische gevolgen. Normale proefpersonen bleken in vier van de vijf gevallen een gevoel van welbehagen te ondervinden en bijna ven vaak een gevoel van
onbehagen; het onbehaaglijke kwam namelijk vaak na het
welbehagen. Geesteszieken reageerden minder duidelijk op psilocybine. Zowel bij normale als bij zieke proefpersonen kwamen (jeugd)herinneringen boven. Bij de zieken waren dat "natuurlijk vaak traumatiserende scenes", aldus de Franse onderzoekers, bij de gezonde proefpersonen "herinneringen uit de kindertijd zonder pijnlijk karakter. Hun slotconclusie luidde: "We hebben binnen de grenzen van ons onderzoek in ieder geval geen enkel ongunstig effect waargenomen, noch op het somatische, noch op het psychische niveau."
Wasson en Heim bundelden eind 1958, begin 1959 alle
wetenschappelijke resultaten in een volumineus boek met de titel Les champignons hallucinogenes du Mexique.
Nog een paar keer ging Wasson naar Mexico. In 1962 ging Hofmann mee met een potje psilocybinepillen op zak. De curandera Maria Sabina deed daar bij wijze van experiment een velada mee. "Toen we bij het krieken van de dag Maria Sabina en haar mensen verlieten, zei de curandera dat de pillen de zelfde kracht hadden als de paddestoel. Er was geen verschil.
Hiermee bevestigde de hoogste autoriteit op dit gebied dat synthetische psilocybine identiek was aan het natuurprodukt.
Als afscheidscadeau liet ik voor haar een potje pillen achter. Stralend legde ze onze tolk Herlinda uit dat ze nu zelfs buiten het paddestoelenseizoen consulten kon doen."
Voor Wasson was daar de kous van de Mexicaanse paddestoelen mee af. "Ik ben geinteresseerd in de vroege geschiedenis van de mens. Of scheikundigen en therapeuten een of andere nuttige toepassing zullen vinden voor de bijzondere stoffen in deze vreemde planten, kan ik niet voorspellen."
Zou het bij zijn boeken zijn gebleven dan waren er nu geen winkeltjes die paddestoelen verkochten. Maar met zijn artikel in Life uit mei 1957 veranderde Wasson ongewild de wereld. Het verslag van zijn drugservaring sloeg in als een bom. Het huis en het dorpje van Maria Sabina werden in tien jaar plat gelopen. Het voetpad werd letterlijk verbreed en verhard tot een autoweg. Carlos Castaneda dankte er zijn immense roem aan.
Mick Jagger, John Lennon en Peter Townsend lieten zich door Maria Sabina genezen. Het werd bekend dat hallucinerende Psilocybe-soorten zo'n beetje overal groeiden en vanaf 1975 kwamen gekweekte padde-stoelen in de Verenigde Staten op de zwarte markt.
Maria Sabina was in de ogen van haar streekgenoten een
verraadster geworden die een goed bewaard geheim aan de blanken had prijs gegeven. Wasson was in de ogen van Maria Sabina een verrader geworden omdat hij zijn ontdekking gepubliceerd had. En de beatniks waren in de ogen van Wasson verraders geworden van een heilig gebruik.
In augustus 1955 nam de chemicus James Moore contact op met Wasson. Hij wilde mee op een expeditie en mocht mee, niet in het minst omdat hij een fonds kende dat wel 2000 dollar wilde bijdragen. Twintig jaar later werd bekend dat Moore en zijn geld door de CIA, de Amerikaanse inlichtingendienst, gestuurd waren. De CIA stopte miljoenen dollars in gevoelig medisch onderzoek. Zowel in de jaren vijftig als in de jaren zestig vertoonde de dienst een morbide interesse voor
geestverruimende middelen omdat die wel eens dienst zouden kunnen doen als waarheidsserum bij verhoren of gekmakend wapen in de strijd tegen de communistische vijand. De middelen werden vaak zonder medeweten van de betrokkenen uitgetest op honderden proefpersonen. En voldeden nooit aan de verwachtingen.
Met lede ogen zagen de overheden in Noord-Amerika en West-Europa aan hoe het gebruik van geestverruimende middelen zich met name onder jongeren verspreidde. Het was een schok dat Heim de paddestoelen bleek te kunnen kweken. De beperkende maatregelen die tegen de produktie, verkoop, bezit en gebruik werden genomen, dwongen Sandoz tot het staken van de produktie van LSD en psilocybine in augustus 1965. Het veelbelovend begonnen natuurwetenschappelijk onderzoek over de werking van de stoffen werd op een zacht pitje gezet. Psychotherapie op basis van het toedienen van LSD of psilocybine - in Nederland was prof. J. Bastiaans er beroemd dan wel berucht om - werd om dezelfde redenen gestaakt.
De Indianen meenden dat de woorden die de curandera tijdens een velada sprak niet uit haar brein maar uit de paddestoel kwamen. Dat de paddestoel sprak. En de uitspraken die gehoord werden, bevatten boodschappen voor de toehoorders. Onder andere daarom wilde Wasson af van woorden als psychedelica, drugs en hallucinogenen. In klein comite werd besloten tot het
woord 'entheogeen', een stof die de eigenschap bezit de idee van god op te roepen.
Dat woord 'entheogenen' dreef met name in de Verenigde Staten mee op de golven van politieke correctheid, vanwege de niet- westerse wortels van het paddestoelengebruik. Op de golven van New Age vanwege de relatie met het hogere en op die van
'exentrieke' wetenschap vanwege de mooie combinatie van geest en stof.
Sinds een commissie van de Amerikaanse Food and Drug
Administration in 1992 de aanbeveling deed weer uitgebreider medisch onderzoek naar deze stoffen te doen, doen 'gewone' wetenschappelijke onderzoeksgroepen ook weer experimenten met
lsd en psilocybine. Het gaat daarbij om mogelijke toepassingen in de psychotherapie en om onderzoek naar de functie van serotoninereceptoren in de synapsen van zenuwcellen van het centrale zenuwstelsel, de plek waar bijvoorbeeld ook een middel als Prozac zijn werk doet. Dat onderzoek is een jaar of tien geleden in een stroomversnelling geraakt toen met moleculair-biologische technieken de receptoren uit de synaps
'gekweekt' konden worden.
Over de paddestoelen uit Mexico is sinds het werk van Wasson uit de jaren vijftig en zestig weinig
'geesteswetenschappelijk' nieuws te melden. In 1991 weigerde de antropoloog Claude Levi-Strauss, een van de weinigen in West-Europa die het werk van Wasson goed kenden en op waarde schatten, mee te werken aan een film over de paddestoelen. "Ik ben oud en het onderwerp ook." Van het 'natuurwetenschappelijk' onderzoek aan serotonine(receptoren) wordt veel verwacht. Serotonine speelt behalve in het centrale
zenuwstelsel ook een rol in de wanden van bloedvaten en
darmen. Serotonine-achtige stoffen zouden een
geneesmiddelenmarkt van miljarden dollars kunnen vormen, menen Amerikaanse marktanalisten. Ook in Nederland wordt er op universiteiten en bij farmaceutische bedrijven naarstig gezocht naar geneesmiddelen die daar aangrijpen. De ziekten
waartegen ze werkzaam zouden kunnen zijn, vormen dan ook een aantrekkelijke waslijst. Schizofrenie, depressiviteit, Alzheimer, misselijkheid bij bestraling, hoge bloeddruk, migraine, anorexia, gedragsstoornissen en verslaving aan alcohol en cocaine. Misschien is de wens te genezen de vader van de gedachte dat dat ook kan, maar ontwerpen van 'drugs' die op serotonine lijken zal nog wel even doorgaan. En wat het proefproces tegen verse en droge paddestoelen betreft, Wasson nam in juli 1955 een paar paddestoelen naar New York mee en gebruikte ze zes weken later, op 12 augustus, op zijn slaapkamer in New York. Ze waren droog geworden. Psilocine is dan afgebroken maar daar merkt de gebruiker weinig van. Wasson: "Als er al een verschil was, dan was het dat hun hallucinerende werking was toegenomen."