Artikel
Reportage

Henneppapier bewaart onze historie

Door: Barbara Smith
        
Papier, papier, overal papier. We zouden het zonder niet meer redden. Zelfs in deze tijd van beeldschermen en SMS.
Papier heeft duizenden functies; het rollen van joints bijvoorbeeld. Maar een van de belangrijkste is de capaciteit om informatie vast te leggen en door te geven aan toekomstige generaties.
Vroeger werd hennep veelal gebruikt als grondstof voor papier. Deze eeuwenoude manuscripten hebben de tand des tijds goed doorstaan. Maar sinds 1892 werden veel boeken van hennepvrij papier gedrukt, en deze blijken langzaam te verpulveren.
Highlife ging op onderzoek uit, en stelde de vraag of het niet tijd is voor een comeback van hennep als grondstof voor papier.        
        
Een hennepveld in het noorden van Nederland. Het bedrijf Hempflax in Oude Pekela verwerkt honderden hectaren hennep tot grondstoffen voor onder andere de papierindustrie.
        Om ideeën te laten voortbestaan moet je ze vastleggen. Vroeger wisten mensen collectieve ervaringen te bewaren door ze aan volgende generaties te vertellen. Om alles te onthouden moesten de troubadours van jongs af aan alle verhalen leren. Later werden kleitabletten gebruikt in Sumer.
De oude Egyptenaren hebben hun geschiedenis zorgvuldig bewaard door steen te bewerken met hiërogliefen. Die waren voor ons onvertaalbaar, tot de ontdekking van de steen van Rosetta die het mogelijk maakte deze teksten te ontrafelen.  

Beide oplossingen werken niet meer in onze tijd waarin veel kennis en informatie moet worden opgeslagen. Zonder papier zou de samenleving niet kunnen functioneren. Het speelt een cruciale rol bij het bestuur en de economie. Papier dient immers niet alleen voor het vastleggen en doorgeven van het gesproken woord, maar is ook essentieel bij de scholing van de moderne mens.  
Als wij toekomstige generaties willen laten weten wat huidige auteurs en intellectuele denkers hebben gedacht en geschreven, dan moeten wij hun teksten zorgvuldig bewaren. Het bewaren van het culturele erfgoed was en is het domein van bibliothecarissen en archivarissen.  Archiveren Bibliothecaris is het één na oudste beroep in de geschiedenis. En het is net zo respectabel.
Probeer je even de bibliotheek van het oude Alexandrië voor te stellen, en denk daarbij niet meteen aan al die mooie tempelhoeren uit die tijd. De core business van de bibliotheek, zoals we dat vandaag zouden zeggen, is nog steeds het bewaren en beschikbaar stellen van informatie. Maar veel boeken die zijn gemaakt van papier dat is vervaardigd tussen 1892 en 1950 verkleuren en breken snel af. Dit papier is destijds volgens een nieuwe procédé van houtvezel gemaakt. Bestand tegen de tijd is het echter niet.  Ondanks conserveringstechnieken en temperatuurgecontroleerde opslagruimtes en archieven zijn veel oude boeken en kranten die in die jaren gemaakt zijn verloren gegaan. De informatie werd voor een deel opgeslagen op microfiches.
Tegenwoordig probeert men die informatie electronisch op te slaan. Maar ook electronische informatie is niet langdurig betrouwbaar. Systemen veranderen en verouderde programmatuur staat niet automatisch nieuwe ontwikkelingen toe.

Wat betekent dat allemaal en is het echt van belang?

 Het goede nieuws is dat papier dat werd vervaardigd vóór 1892 eeuwen goed blijft met minimale zorg. Dat papier werd uit hennepvezels en lompen gemaakt. Hennepvezel is perfect geschikt voor het maken van papier, het is niet echt duur en het belast het milieu niet.
Wat echt belangrijk blijft is het archiveren van electronische overheidsdocumenten. Het is belangrijk om deze bestanden te bewaren omdat ze het mogelijk maken verantwoording af te leggen over het gevoerde overheidsbeleid. Een sprekend voorbeeld daarvan is het in stand houden van kennis over gifstortplaatsen op bestandssystemen die toegankelijk moeten blijven tot ver in de toekomst.
Digitale bestanden dienen bewust bijgehouden te worden en dat vraagt waakzaamheid. Dat geldt ook voor de duurzaamheid van de drager.  Milieuproblemen Migratie, ofwel het overzetten van informatie van de ene drager op een andere, wordt het belangrijkste begrip. Daarom beginnen ze zich in de bibliotheek- en archiefwereld af te vragen of ze informatie niet beter kunnen laten migreren naar een andere medium. Iets dat meer permanent lijkt te blijven en waar de informatie weer vandaan te halen is.
In boekvorm kan een tekst honderden jaren meegaan, waarbij de kwaliteit van het papier de levensduur bepaalt. Als het om archiveren gaat kunnen wij beter één goed manuscript bewaren dan de vele publicaties die daaruit zijn voortgekomen.
Hiervoor is henneppapier, met zijn lage zuurgraad, uiterst geschikt. Gezien de te verwachten toename van de behoefte aan papier in de wereld, ziet het er niet zo gunstig uit voor de resterende natuurbossen. Overheden verlenen toestemming voor de grootschalige kap van natuurlijk bos. Erosie en ernstige verstoring van de waterhuishouding en het klimaat zorgen bovendien voor het uitsterven van plant- en diersoorten. De hoeveelheid hout die nodig is om al het benodigde papier te maken is onvoorstelbaar. Dagelijks worden hiervoor wereldwijd miljoenen bomen gekapt. De vraag of de natuur dat kan blijven opbrengen dringt zich onvermijdelijk op. Wel zijn er nieuwe boomakkers aangeplant, maar een 'echt' bos is een uitgebalanceerd ecosysteem met planten en dieren in alle soorten en maten.
Moderne bossen zijn daarentegen soortenarm.
Voor al deze milieuproblemen lijkt hennep- en lompenpapier een oplossing te bieden. Maar dat is niet alles. Het levert ook een goede oplossing voor het conserveren van gedrukte werken. Vanwege de duurzaamheid is hennep- en lompenpapier een ideaal medium om informatie naar te laten migreren en langere tijd te bewaren. Het blijft, mits onder optimale omstandigheden bewaard, voor toekomstige generaties toegankelijk. Bovendien is het telkens opnieuw voor migratie naar andere, op dat moment gangbare, media beschikbaar.
Vóór het jaar 1883 werd al het papier op de wereld met behulp van van hennepvezels gemaakt. Boeken, bijbels, kaarten, geld, aandelen, staatsobligaties, kranten, enzovoorts. Ook de Gutenberg bijbel (vijftiende eeuw), Rabelais (zestiende eeuw) Thomas Paine's pamfletten 'The Rights of Man', 'Common Sense', 'The Age of Reason' (achttiende eeuw), de werken van Mark Twain, Victor Hugo, Alexander Dumas en Lewis Carroll's 'Alice in Wonderland' (negentiende eeuw). Bijna alles werd op henneppapier gedrukt.
Ook schilders als Rembrandt gebruikten hennepdoek voor hun schilderijen. De Amerikaanse onafhankelijkheidsverklaring werd in 1776 op henneppapier geschreven. Daarna werd hij zorgvuldig gekopieerd op perkament dat werd getekend door de afgevaardigden.
Henneppapier bleef honderd keer langer goed dan de meeste preparaten van papyrus en was bovendien gemakkelijker en goedkoper te fabriceren.  
Handgemaakt papier uit de zeventiende en achttiende eeuw is te onderscheiden van later gefabriceerd papier door het tegen het licht te houden. Daarbij worden de 'ketenstrepen' zichtbaar. Deze strepen ontstaan door de gebruikte vorm. Daardoor kleven er minder vezels direct aan de draden, wat het papier dunner en meer doorzichtig maakt.  

Om inzicht te krijgen in het actuele vervaardigen van handgemaakt papier, heb ik een bezoek gebracht aan de molen 'De Schoolmeester' in Westzaan. Het is de laatste nog functionerende Europese papiermolen. De molen is in 1692 gebouwd. Het is een ideaal uitje voor een luie zondagmiddag, liefst bij lekker veel wind. (www.zaansemolen.nl) De molenaar legt de verschillend processen uit terwijl hij ons rondleidt. 'Geschept' papier dat met de hand gemaakt wordt moet eerst geweekt worden totdat de vezels verzadigd zijn. Het voornaamste ingrediënt van papier wordt gevormd door de vezels die het papier gaan vormen.
Papier uit textiel vereist minder voorbehandeling dan ruwe grondstof, al zijn de individuele cellulosevezels wel reeds gevlochten. Dat proces moet weer ongedaan worden om de individuele vezels weer te scheiden van de niet vezelachtige grondstoffen.
Traditionele methoden om stukstofvezels af te breken zijn fermenteren en het stampen met een zogenaamde 'Holland-stamper'. De vellen papier worden gevormd door ze letterlijk één voor één uit de vezelbrij te scheppen, waarna het overgebleven water wordt afgeschud. Het papier dat op deze manier van hennepvezels en lompen wordt gemaakt scheurt gemakkelijk als het nog nat is, maar als het eenmaal droog is wordt het heel sterk. Dit papier blijft eeuwenlang stabiel, bijzondere omstandigheden uitgezonderd.
Toen we de molenaar vroegen wat hij van de cannabisvezel als papierbron vindt, antwoordde hij dat hij zich er van bewust is dat hennep ongelooflijk goed papier maakt. Hij vond het echt jammer dat het als waardevolle bron heel beperkt is geworden, alleen omdat een relatief klein aantal mensen ervan geniet om er stoned van te worden. Daarbij zei hij dat ruwe hennepvezels niet zozeer goed zijn te gebruiken voor papier, omdat het veel moeite kost om het tot pulp te maken. Dat kost veel meer energie dan het afbreken van textielvezels. Veel beter zou het zijn om er eerst textiel van te maken en nadat het als kleding of stoffering heeft gediend, het dan alsnog af te breken en er vervolgens een hoge kwaliteit papier van te maken. Tweemaal nuttig gebruik van één gewas dus.

Loop dus niet meteen met alle takken en de stam die je na je oogst overhoudt naar een molen. Het gebruik van hennep als ruwe grondstof voor het maken van papier is milieuvriendelijker dan het gebruik van bomen. Het oogsten van hennepvezels is geen aanslag op het milieu. De plant kan gemakkelijk binnen drie maanden drie meter hoog worden en vraagt geen bestrijdingsmiddelen of chemische bemesting. Hennep groeit ongelooflijk snel. Het levert vier keer zoveel pulp op als bomen en dat ook nog eens in kortere tijd en met hetzelfde landgebruik.
In 1921 werd onderzoek verricht naar de bruikbaarheid van hennepvezels als grondstof voor de papierfabricage. Een kookproces met alleen water levert een product op dat als krachtpulp goed te gebruiken is. Het toevoegen van natriumhydroxide en sulfiet levert een heldere pulp op, maar bevat een grote hoeveelheid pentosans. De zogenaamde Ritter-Kellner methode is de meest geschikte. Ongeveer 12 tot 13 uur koken bij 140 tot 150 graden Celsius met vier procent sulfietvloeistof geeft een ongebleekte pulp van 93 tot 94 peocent ruwe cellulose, met een pentosansinhoud van ongeveer tien procent. Deze vezels hoeven niet zoals houtvezels gebleekt te worden en leveren een chloorvrij pulpproces.
Chloorgebruik vormt een belangrijk milieunadeel bij de fabricage van papier.  Recycling Hennepvezels, katoenlompen en gebruikt papier kunnen zonder chloor eenvoudig opnieuw gebruikt worden. Katoenlompen worden sinds de oudheid gebruikt bij het maken van superieur schrijfpapier. Een andere overvloedige bron is het gebruik van afvalpapier van kantoren. Vroeger werden ook afgedankte resten touw en scheepszeilen verkocht voor hergebruik als papier. Oude kledingstukken, lakens, gordijnen en lompen, meestal gemaakt van hennep en vlas, werden ook gebruikt. De lengte en sterkte van hennep- en lompenvezels zijn ideaal bij het versterken van hergebruikpapier, dat iedere keer dat het hergebruikt wordt verzwakt. Vergeleken met het maken van papier uit de houtvezel, bespaart de toepassing van hergebruikte vezels niet alleen de bomen, maar ook water en energie. Met minder luchtvervuilende restproducten. Papier bestaande uit een mengsel van deze drie bronnen is zuurvrij en op zijn beurt weer herbruikbaar. Het levert voldoende kwaliteit op voor gebruik bij moderne apparatuur als laser- en inktjetprinters, kopieerapparaten en offset drukmachines.

In 1935 kwam er een wereldwijd verbod op het verbouwen van hennep. Dit leidde tot het verdwijnen van een grote variëteit van hennepproducten op de markt. Het verbod op de verbouw van hennep, de introductie van nieuwe synthetische grondstoffen en nieuwe technieken voor het maken van papier uit houtpap leidden tot het uitsterven van industriële hennep als marktgewas.         
        
'De Schoolmeester' in Westzaan is de laatste nog functionerende papiermolen in Europa. De molen dateert uit 1692.
        
Tegenwoordig maakt hennep door de vraag naar houdbare en milieuvriendelijke grondstoffen een 'comeback'. Zo veranderde bijvoorbeeld de Britse regering in 1993 de wet betreffende het verbouwen van industriële hennep. Overal op de wereld zijn financieel gezonde bedrijven opgezet die er voor zorgen dat cannabis zijn oude status als terugkrijgt. In 1995 werden in Groot-Brittanië op enkele duizenden akkers hennep verbouwd. Het overgrote deel van deze oogst wordt gebruikt voor het produceren van zuiver kwaliteitspapier. Er is een aantal papierfabrieken dat zich bezighoudt met het maken van henneppapier. Amerika kent het grootste aandeel van hennepboeren en -producenten, terwijl Duitsland en Nederland niet ver achter blijven. Als meer mensen van het product gebruik zouden gaan maken, dalen de prijzen. We zijn op deze planeet koortsachtig op zoek naar bronnen die ons milieu niet aantasten. Door die druk wordt duidelijk dat hennepplanten een deel van de oplossing kunnen zijn. Niet alleen voor de bossen, maar ook voor het duurzaam bewaren van belangrijke documenten.  

Tot slot, industriële hennep bevat in tegenstelling tot de cannabis die wij in Nederland in elke coffeeshop kunnen kopen geen THC (tetrahydrocannabinol, het psycho-actieve ingrediënt). Het is dus absoluut niet mogelijk om er 'high' van te worden, hoe hard men dat ook zou proberen. Veel gemakkelijker is het om de geest te verrassen met de inhoudelijke ideeën die zijn gedrukt op hennep!        

Bron: Highlife juni/juli 2004